Mirakel van Amsterdam
Mirakel van Amsterdam
Op 15 maart 1345, zo vertelt de overlevering, lag een man in een huis aan de Kalverstraat ziek op bed en vreesde te sterven. Hij liet een priester roepen om hem te bedienen en van het Heilig Sacrament (de hostie) te voorzien. Na het nuttigen van de hostie moest de zieke overgeven en werd het braaksel in het brandende haardvuur van zijn kamer geworpen.
De volgende dag bleek dat hij niet alleen de hostie onbeschadigd had uitgebraakt, maar bovendien dat het vuur het deze niet had aangetast. Was dat nog niet opmerkelijk genoeg: de hostie die de volgende dag door de priester van de Oude of Nicolaaskerk weer was opgehaald, keerde vanuit de Oude Kerk op wonderbaarlijke wijze in het huis van de man terug. Dit herhaalde zich daarna nog eens tweemaal.
Het gold als een bevestigingsmirakel waarmee werd aangegeven dat men in de verschijnselen de hand Gods diende te herkennen en de plaats waar het eerste mirakel was gebeurd, moest inrichten als heiligdom. De betrokkenen handelden dienovereenkomstig en verbouwden de woning met daarin de haardstede tot een devotie- of bedevaartkapel, de kapel van de Heilige Stede.


Stille Omgang
In de nacht van zaterdag 21 op zondag 22 maart 2026 trekken duizenden mensen in stilte door de oude binnenstad van Amsterdam. Ze herdenken het Mirakel van Amsterdam (1345) - een wonder dat al eeuwenlang mensen raakt en verbindt.
Tijdens deze Stille Omgang lopen we - net als zovelen die ons voorgingen - een bijzondere route door de stad. Geen woorden, geen lawaai, maar stilte. Stilte waarin ruimte is voor gebed, verwondering en ontmoeting met God.